De kraak van Blaak

Het gebouw Blaak 10 in Rotterdam staat bekend om zijn architectuur, maar ook omdat deze de bombarderingen van 1940 heeft overleefd. Ook heeft het gebouw veel historie. Tussen 1720 tot en met 1972 was hier de handelsbank R. Mees & Zoonen gevestigd. In 1981 werd het pand gekraakt door ontevreden academiestudenten en dit is waar ik het meest geïnteresseerd in was. Ik heb 3 van de 15 studenten kunnen traceren en uitgenodigd voor een interview. Peter Muller, Johannes Milhous en Yvonne Van Den Boogerd kwamen bij mij langs om hun herinneringen over deze tijd op tafel te gooien.

Toen de drie tegenover elkaar zaten merkte ik dat er een vreemde sfeer hing. Niemand sprak echt met elkaar, niemand vroeg hoe het ging met een ander en er kon geen enkel lachje van af. Meteen kwam er een vraag in mij naar boven “Ik zie dat jullie het moeilijk vinden om elkaar te zien, het onderwerp heeft duidelijk een zware lading. Waarom zijn jullie toch gekomen?”

Voor een paar lange seconden bleef het stil, maar uiteindelijk begon Yvonne te praten. “Toen jij me vertelde dat Peter en Johannes ook gevraagd waren en het aanbod hadden geaccepteerd, wilde ik eigenlijk direct komen. We hebben elkaar sinds twee jaar na de kraak niet meer gezien of gesproken. Ikzelf denk elke dag terug aan de tijd van de kraak en kan het moeilijk achter me laten, ik hoop dat dit mij daarbij kan helpen.” Ik zie de reactie van Peter en Johannes, met ernstige blikken stemmen zij in met wat Yvonne zegt. “Okee, ik had niet verwacht dat het zo een heftige tijd voor jullie is geweest. Het kwam op mij over als een vrij normale kraak. Kan iemand mij vertellen hoe het precies begonnen is?” Dit keer begon Johannes met spreken. “We hoorden dat het pand leeg kwam te staan en iedereen was eigenlijk opzoek naar een plek om voor een goedkope prijs te verblijven. Ik stelde voor aan mijn medestudenten om het pand te kraken en er ons eigen huis van te maken. Steeds meer studenten stemde in en zo hadden we al snel een groep van 15 man bij elkaar. Op 3 januari 1981 trokken we in in het pand. Iedereen deed een poging tot het creëren van een persoonlijke ruimte door middel van slaapzakken en matrassen. Voor een maand leefden we in saamhorigheid en waren de meningen over de belangrijke besluiten die gemaakt moesten worden over het algemeen gelijk, maar na deze maand ging het bergafwaarts.” Opeens stopte Johannes met praten. Hij deelde een blik met peter, maar het viel mij op dat peter deze probeerde te ontwijken.

“Peter, kan jij me vertellen waarom het bergafwaarts ging?” Even zag ik wat twijfel in zijn gezichtsuitdrukking, maar uiteindelijk begon hij met praten. “Na een maand ontstonden er steeds meer groepen en waren verschillende mensen steeds meer op zichzelf. Ik was voornamelijk samen met Gijs en Freek, niet de beste vrienden die je kon hebben. Ik was psychisch niet in orde deze periode en Gijs wist een mannetje die ons coke kon leveren op elk moment van de dag, hier maakten we ook gebruik van. Daarnaast was er ook veel alcohol in het spel. Door de verveling en de drugs creëerden we situaties die eigenlijk niet bestonden. We probeerden één te worden met het gebouw en bedachten rituelen om dit te kunnen doen. Op 13 mei kwam Freek naar beneden rennen. Hij had een grootse ontdekking gedaan zei hij, wij niet wetende hoe dit alles zou veranderen. We liepen met hem mee naar het halletje waar hij twee luikjes had gevonden. De luikjes waren dichtgetimmerd en Freek wilde deze open maken. We haalden een ladder, Freek klom omhoog en opende het luikje.

Met een geschokte reactie kwam hij terug naar beneden. Zijn gezicht was lijkbleek weggetrokken. ‘Jongens, kijk niet wat daar in zit. Wat ik wel weet is dat we dit moeten omarmen, we moeten deze luikjes te vriend houden.’ Eerst dacht ik ‘wat belachelijk, luikjes te vriend houden’, maar ergens wist ik ook dat dit serieus was.

Freek zei ons dat we een ritueel moesten bedenken voor het omarmen van de luikjes. Dit ritueel moest een offer bevatten, anders zou het niet werken, het moest perfect zijn. Het duurde lang voordat we het ritueel ontwikkeld hadden. Keer op keer probeerde Freek nieuwe dingen, maar niks bleek te werken. Tijdens deze periode gebeurden er rare dingen in het pand. In twee weken tijd verloren we Eva die de pokken kreeg en was Jeroen in een psychose beland en moest om de minuut met zijn vuist tegen de salamanders op de pilaren in de hal slaan. Na de derde week had Freek het eindelijk gevonden, we moesten delen van ons lichaam in de luikjes deponeren. Het klinkt misschien luguber, maar dat was het op dit punt nog niet. De offers bestonden voornamelijk uit nagels en haren van de medekrakers. Iedereen was met ons, aangezien er een vreemde sfeer hing in het huis sinds Freek het luikje geopend had. Voor 1,5 maand waren de offers van nagels en haren genoeg, Jeroen raakte uit zijn psychose en alles leek goed te gaan. Helaas ging het op een gegeven moment weer mis. Maud was van de trap gevallen, waardoor ze precies op een zenuw terecht kwam. Hierdoor verloor zij een deel van haar zicht. Een groot deel van de groep werd bang en verliet het pand, we bleven over met een groep van 7 man. Ik vroeg aan Freek hoe dit had kunnen gebeuren, we deden de rituelen en we offerden wat we moesten offeren. Hier was Freek het niet mee eens. ‘Nee, ze willen meer, het is niet genoeg, we moeten meer offeren, groter. Dit was allemaal te makkelijk.’ Ik vroeg hem wat hij bedoelde, maar hij zei dat hij het niet uit kon leggen, hij moest het laten zien. Hij verdween in één van de kamertjes in het trappenhuis. Na een uur kwam hij terug. Zijn gezicht zag lijkbleek en onder zijn ogen waren donkere wallen te zien. Zijn huid was nat van het zweet en zijn ogen rood van de tranen. Ik vroeg hem wat er was gebeurd, maar hij liep meteen door naar de luikjes. Een spoor van bloed liet hij achter zich. Voor een aantal dagen trok hij zich terug en uiteindelijk heeft hij het pand op de derde dag verlaten. Ik heb hem nooit meer gesproken nadat hij het hokje uit kwam. Niemand weet wat hij had gedaan waardoor hij zoveel bloedde, maar ik heb gehoord dat hij zijn pink geofferd heeft aan de luikjes.”

 

Interview krakers

Na lang zoeken heb ik drie mensen kunnen vinden die iets met de kraak te maken hadden. Ze zijn langsgekomen voor een interview en hebben hun hele verhaal op tafel gegooid. Dit maakt alles duidelijk, maar wie de vrouw is die het briefje in mijn tas stopte en die mij de kaart gaf weet ik nog steeds niet… Het interview is te vinden in de volgende blogpost.

De ontmoeting

Ik heb vanavond de persoon van het kaartje ontmoet. Het was een hele vage ontmoeting. Ik probeerde het te filmen maar de persoon wilde dit niet, toch heb ik het begin wel kunnen filmen. De link naar dit filmpje is onderaan te vinden.  Ze heeft me een kaart overhandigd zonder enige toelichting. Vandaag ben ik deze kaart gaan volgen, maar veel heb ik er niet gevonden. De locatie was in een gek halletje in het blaak gebouw. Wat moet ik hier nou mee?

Video ontmoeting IMG_7488.jpg

 

Het boekje

Het is een tijdje geleden, maar ik bedenk me net pas dat ik de persoon die het boekje voor mij heeft geleend gewoon op kan zoeken! Waarom kwam ik daar niet eerder achter?!

Het vreemde is dat toen ik die persoon opzocht in de mediatheek kwam ik er achter dat die persoon nooit hier op school heeft gezeten. Sterker nog, het is al erg lastig om hem te vinden op het internet in het algemeen.

Ik weet dat ik eigenlijk verder moet gaan met het onderzoeken van gebouwen, maar deze hele situatie is gewoon zo interessant…